Zwaar verkeer,
heiwerkzaamheden en machines kunnen aanleiding geven tot
trillingen in gebouwen. Deze trillingen kunnen op hun beurt
leiden tot hinder, schade of storing aan apparatuur. Waar dit
optreedt komen partijen met verschillende belangen tegenover
elkaar te staan. In die situaties is het zinvol de omvang van de
problemen objectief te kunnen vaststellen en criteria te hebben
voor wat dan wel en niet acceptabel is.
Het vaststellen van de omvang van een trillingsprobleem kan in
beginsel door een meting worden bepaald. Metingen kunnen op
verschillende manieren worden uitgevoerd en de uitkomst is
bepaald niet ongevoelig voor de keuze van de plaats van de
opnemer, de karakteristiek van de opnemer, de signaalverwerking
en de duur van de meting.
Nog gevoeliger ligt de beoordeling: wanneer is er hinder,
wanneer is er (kans op) schade.